Follow-up grondverwerving Gelderland

28-06-2017 | Rapport
Rekenkamer(commisie): Rekenkamer Oost-Nederland
Type onderzoek: Doeltreffendheid
Onderzoek door: Rekenkamer i.s.m. extern onderzoeksbureau(s)
Onderzoeksbureau: TU Delft
Onderzoeksvraag
In welke mate hebben Gedeputeerde Staten invulling gegeven aan de implementatie van de aanbevelingen van het rekenkameronderzoek naar grondverwerving uit 2013? Onderzoeksvragen De centrale vraag hebben we uitgewerkt in een aantal onderzoeksvragen. Deze onderzoeksvragen zijn onderverdeeld naar: - de opvolging van de aanbevelingen “op papier” - de opvolging van de aanbevelingen in de praktijk en - inzicht PS en GS omtrent grond.
Gericht op
Provincie Gelderland
Samenvatting
Kritisch rekenkamerrapport in 2013 aanleiding voor vervolgonderzoek Drie jaar geleden waren we in ons onderzoek kritisch op de aanpak van de grondverwerving door de provincie Gelderland. Zo werd er niet altijd volgens de afgesproken werkwijze en mandaten gewerkt en waren de interne richtlijnen zoals protocollen en het beleid deels verouderd en aan actualisatie toe. Het onderzoek leidde tot zestien aanbevelingen. Mede daarom besloten we de aanpak van de grondverwerving door de provincie Gelderland opnieuw te onderzoeken en daarbij te kijken naar opvolging van de aanbevelingen uit 2013. Provincie heeft aanpak grondverwerving verbeterd We concluderen nu dat de provincie is actief aan de slag gegaan met het verbeteren van het beleid, de organisatie en de uitvoering rondom de grondverwerving. Zo zijn er een overzichtsnota grondbeleid en uniform grondprotocol vastgesteld. Ook is er een registratie voor het provinciale grondbezit en een team opgezet dat zich bezig houdt met grondtransacties opgezet. Tot slot lijkt het werken met een onafhankelijke taxatie voordat de grond verworven wordt nu standaard te zijn. Zaken in beleid en organisatie nog verder uitwerken Tegelijkertijd concluderen we dat er in het beleid en de organisatie rondom grond nog zaken zijn die verder uitgewerkt moeten worden. In het beleid is er bijvoorbeeld geen aandacht voor de risicobeheersing bij grond of de inhoud van de informatievoorziening aan de volksvertegenwoordigers (Provinciale Staten). Het protocol en de omschrijving van werkprocessen zijn niet op alle onderdelen actueel. Evenmin is in het protocol vastgelegd tot welk bedrag een ambtenaar grond mag aankopen waardoor omvangrijke financiële besluiten zonder bestuurlijke bemoeienis kunnen worden genomen. Tot slot is de nieuwe organisatie nog niet volledig geïmplementeerd, wat onder andere blijkt uit de inzet van de grondcontroller die verschilt tussen afdelingen. Onze aanbevelingen zijn gericht op deze punten.
Rapport documenten