Vragen aan Kajsa Ollongren, voorzitter van de VNG Denktank 2016 en wethouder te Amsterdam

30-06-2016 | Door NVRR secretariaat | 0 Reacties

In het derde jaarbericht 2016 "Maatwerkdemocratie. Naar een krachtiger, trefzekere gemeenteraad 2020 als kruispunt in de lokale democratie" schetst de VNG Denktank, onder uw voorzitterschap, de uitdagingen voor de gemeenteraad om zijn taken in het huidige en toekomstige tijdsgewricht goed uit te voeren. Dat  betreft de vertegenwoordigende, kaderstellende (beleidsvoorbereidende), controlerende en verbindende rol van de gemeenteraad. In het jaarbericht wordt enerzijds een ontwikkeling in democratiseringsbehoeften en -opvattingen geconstateerd en anderzijds een groter wordende behoefte aan slagvaardig en efficiënt bestuur. Daardoor is er sprake van een dynamiek in de relatie tussen de gemeenteraad - burgers - overige gemeentelijke geledingen. De gemeenteraad zal zich daarin opnieuw moeten positioneren en zich bezinnen op een moderne invulling van het raadslidmaatschap. Het jaarbericht van de VNG Denktank biedt een analyse van de moderne ontwikkelingen rond de lokale democratie en biedt interessante aanbevelingen voor gemeenteraden om de uitdagingen het hoofd te bieden.

De rekenkamer is een gemeentelijke geleding die een wettelijke taak heeft de gemeenteraad te ondersteunen in zijn kaderstellende (beleidsvoorbereidende) en controlerende taken. Opvallend is dat de rekenkamer, al dan niet deels bemenst met raadsleden, in de analyse en in de oplossingsrichtingen van de denktank ontbreekt. Vandaar dat de NVRR (Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamerfuncties) u een aantal vragen wil stellen over de rol van rekenkamers in de ontwikkeling naar een krachtige en trefzekere gemeenteraad in 2020.
 

  • Heeft de rekenkamer nog bestaansrecht in 2020, als er een daadkrachtige gemeenteraad is gerealiseerd, bemenst met professionele amateurs en ondersteund door een meer adviserende griffie?

    Jazeker. De denktank heeft zich echt willen concentreren op het functioneren van de gemeenteraad en van raadsleden. Rollen, taakopvattingen, de verhouding met burgerinitiatieven, dat waren de thema’s. Daar ligt de reden dat de rekenkamer in het rapport niet expliciet in beeld komt, evenmin overigens als bijvoorbeeld de ombudsman of het college.  

    De rekenkamer werkt wel samen met de raad, maar is daar geen onderdeel of verlengstuk van.
    Ik denk zeker dat de rekenkamers nog volop bestaansrecht zullen hebben. Kijk maar om je heen, overal in de samenleving zie je dat onafhankelijk en horizontaal toezicht steeds belangrijker wordt gevonden. Dat geldt ook voor de wereld van de gemeenten. Daar gaan meer middelen en verantwoordelijkheden naar toe, taken worden complexer. Meer aandacht voor goed  toezicht is dan ook terecht.

     
  • In de traditionele rol van de rekenkamer richt deze zich met name op de ondersteuning van de controlerende taak van de raad, door onderzoek te doen naar uitgevoerd beleid. Een grote hoeveelheid rekenkamers heeft expertise opgebouwd en is een kennispartner van de raad geworden, die ook aan de ‘voorkant’ betrokken wordt bij de beleidsvoorbereiding. Zou de rekenkamer in uw ogen niet ook meer die kant op moeten ontwikkelen om de raad nog beter te kunnen ondersteunen?

    Het is natuurlijk alleen maar verstandig dat gemeenteraad en rekenkamer met elkaar van tevoren bespreken hoe ze elkaar kunnen ondersteunen. Maar de rekenkamer heeft uiteindelijke een eigen verantwoordelijkheid. De strekking daarvan is dat de rekenkamer ook het handelen van de raad zelf mag onderzoeken, als daar aanleiding toe is.  Een project is uit de hand gelopen en de raad heeft het laten gebeuren of is er zelfs debet aan, dat soort situaties.
    Je mag de rekenkamer dus niet eenzijdig als een hulpstuk van de gemeenteraad neerzetten.  Als je het in een gemeente daarover eens bent, dan lijkt het mij verder een kwestie van plaatselijk maatwerk hoe de kennis van de rekenkamer ook aan de voorkant kan worden benut.

     
  • Een relatief nieuw element dat door de Denktank wordt geopperd is de verbindende rol van de gemeenteraad. Verbindend naar de burgers en verbindend in de netwerken van partijen waar de gemeente mee te maken heeft (andere gemeenten, overheden, GR-en, Verbonden Partijen enz.) In hoeverre en hoe kan een rekenkamer in uw ogen de raad in die rol ondersteunen?

    Als het gaat om de verbindende rol naar burgers, dan zie ik daar niet direct een grote taak voor rekenkamers weggelegd. Maar juist wel als het gaat om allerlei verbanden met externe partijen.  Als ik even gemeenschappelijke regelingen als voorbeeld mag gebruiken: juist bij die verbanden worstelen  raadsleden met hun rol en met het gevoel dat ze er geen greep op hebben.  Dat was en is een belangrijk punt voor de Denktank.  Hier kan een rekenkamer echt veel betekenen.   Het controle instrumentarium in de wet gemeenschappelijke regelingen is er dan wel, maar raadsleden kunnen er niet veel mee aan, zo blijkt steevast uit alle onderzoeken.
    Dan helpt het als een rekenkamer ook eens even het functioneren van een gemeenschappelijke regeling wat fundamenteler onder de loep neemt.

     
  • Uit de enquête van de Denktank blijkt dat burgers vooral transparantie, integriteit en openheid de belangrijkste waarden vinden voor het opereren van de volksvertegenwoordiging. Tegelijk hebben burgers twijfels of raadsleden daar voldoende op gericht zijn. Speelt de rekenkamer al een toereikende rol door openbare en voor burgers toegankelijke rapporten op te stellen over de vorming en uitvoering van gemeentelijk beleid, of kan deze nog meer doen aan de bevordering van de gevraagde transparantie?

    Ik denk dat rekenkamers vooral moeten doen waar ze doorgaans goed  in zijn: deugdelijk onderzoek doen en daarover helder rapporteren.  Vaak ook als het om de onderliggende structuren gaat bij incidenten en gebeurtenissen. In het politieke debat valt hun bijdrage dan het best op haar plaats.