5 vragen aan Samantha Langendoen, Algemeen bestuurslid
Wie is Samantha?
Ik ben Samantha, opgegroeid aan de kust van Zuid-Holland maar inmiddels alweer een flink deel van mijn leven woonachtig in het mooie Brabant, in Tilburg om precies te zijn. Ik woon daar met mijn man en mijn zoontje in het bruisende centrum van de stad. Onderzoek is mijn passie, maar ’s avonds ontspan ik graag met een aflevering B&B Vol Liefde. Verder kun je me vinden achter een goed boek of lekker bezig in de tuin, maar ook de polonaise met carnaval sla ik niet over. Sinds 2025 ben ik, naast secretaris-onderzoeker van de Rekenkamer Breda, bestuurslid van de Vereniging van Rekenkamers.
Hoe ben je in de wereld van rekenkamers terecht gekomen?
Mijn gehele jeugd heb ik gedroomd van een baan in de zorgsector, maar eenmaal begonnen aan mijn stages merkte ik dat het zeer onbevredigend was om werk uit te voeren in een omgeving waarin niemand zich druk maakte om de vraag ‘waarom doen we dit eigenlijk op deze manier’. In mijn studie sociologie vond ik wat ik zocht: de instrumenten om kritisch naar de wereld te kijken en deze te bevragen. Na mijn studie maakte ik wat omzwervingen in de consultancy, als data scientist en als zelfstandig beleidsonderzoeker, waarna ik terecht kwam bij de Rekenkamer Rotterdam. Daar ontdekte ik de wereld van rekenkamers. Een kritische ‘luis in de pels’ van het gemeentebestuur. Met tijd en mogelijkheden om grondig onderzoek te doen naar gevoerd beleid met als doel een beter functionerende gemeente. Een droombaan voor iedereen met een passie voor onderzoek. Sindsdien ben ik verknocht aan dit vakgebied, en was het ook niet meer dan logisch dat ik als volgende stap koos voor de Rekenkamer Breda. Daar ben ik sinds 2024 secretaris-onderzoeker.
Wat zijn je speerpunten als nieuw bestuurslid?
Ik vind dat we als vereniging in de afgelopen jaren mooie stappen hebben gezet om rekenkamers te ondersteunen en te helpen te professionaliseren en groeien. Maar we moeten ook niet de basis vergeten: waarom doen we wat we doen, en hoe doen we dat op de beste manier? Als vereniging hebben we een taak om die basis te borgen, in ons handelen en in wet- en regelgeving, maar ook om die basis te bevragen en te ontwikkelen.
Een groot deel van dat fundament zit in de werkzaamheden die secretarissen en onderzoekers dagelijks uitvoeren. Zij zijn de oren en ogen van de rekenkamers. Ik vind het belangrijk dat zij gehoord en ondersteund worden in hun positie en de tools hebben om, binnen de verschillende krachtenvelden waarin zij zich bevinden, stevig in hun schoenen te blijven staan. Ik hoop dat ik daar als bestuurslid de komende jaren aan mag helpen bijdragen!
Hoe kan de positie van onze vereniging nog verder versterkt worden?
Er is een mooie lijn ingezet: in de afgelopen jaren is de vereniging gegroeid van een belangenorganisatie naar een belangrijke kennispartner voor rekenkamers. Ik gun het de vereniging en de rekenkamers dat deze lijn doorzet en we als vereniging de basis zijn voor elke rekenkamer en elk rekenkameronderzoek, zodat we gezamenlijk kunnen groeien.
Welke vraag die we niet hebben gesteld zou je graag willen beantwoorden? En wat zou je antwoord zijn?
Hoe blijven rekenkamers relevant in een tijd waarin informatie overvloedig is en aandacht schaars? Ik denk dat dit een vraag is die we onszelf moeten blijven stellen. Heb ik daar dan ook direct een antwoord op? Niet helemaal, maar ik denk wel dat we als rekenkamers scherpe keuzes moeten maken in onze onderzoeken en onderwerpkeuze. En dat we moeten zorgen dat we in de grote berg aan informatie de juiste informatie op een toegankelijke manier over weten te brengen. En ook al willen we dat niet altijd toegeven, dat zit soms meer in het juiste gesprek op het juiste moment dan in een dik en supervolledig rapport.









rapport “
Dit onderzoek is een inspiratie voor anderen. Het is moedig van de onderzoekers om dit thema op deze manier aan te pakken – een mooi voorbeeld van ‘van buiten naar binnen’ werken.











