Overslaan en naar de inhoud gaan

Auteur: Secretariaat

Introductiecursus rekenkamerwerk

Begin jij in een rekenkamer? Kom dan naar de introductiecursus van de Vereniging van Rekenkamers! In 3 dagen leer je rekenkamers kennen en ontdek je jouw rol als lid, voorzitter, secretaris en onderzoeker. We gaan in op verschillende aspecten van het rekenkamerwerk. Hoe kun je impact maken met jouw rekenkamerwerk, welke rol en positie heb je in de organisatie van jouw rekenkamer en minstens zo belangrijk: hoe bouw je een onderzoek op.

In het najaar van 2026 gaat in de regio Zwolle weer een nieuwe editie van de cursus van start. Enthousiaste docenten staan klaar om iedereen tijdens vier bijeenkomsten wegwijs te maken in de beginselen van onderzoek en organisatie van rekenkamers. Na een startbijeenkomst zijn er drie bijeenkomsten waarin een reeks van onderwerpen aan de orde komt. Het programma is als volgt:

  • Online startbijeenkomst: kennismaking met deelnemers en docenten.
  • Dagdeel 1: Bestaansrecht, vormen en taken van de rekenkamer.
  • Dagdeel 2: Wat is rekenkameronderzoek?
  • Dagdeel 3 & 4: Opzet, aanpak en methoden van rekenkameronderzoek.
  • Dagdeel 5: Analyse, rapportage en presentatie van rekenkameronderzoek.
  • Dagdeel 6: Doorwerking en meerwaarde van rekenkameronderzoek.

De introductiecursus is het startpunt in ons cursusaanbod. We hebben vele webinars, masterclasses en trainingen die voortbouwen op de introductiecursus, nieuwe aspecten belichten en jouw kennis nog verder vergroten.
Na afronding ontvangt u een getuigschrift van de Vereniging van Rekenkamers.

Data

  • Startbijeenkomst: 29 oktober
  • Dag 1: 6 november
  • Dag 2: 11 december
  • Dag 3: 8 januari 2027

De startbijeenkomst vangt aan om 15.00 uur en duurt ongeveer een uur. De 3 cursusdagen starten om 10.00 uur en duren tot 16.30 uur.

Locatie

Regio Zwolle (exacte locatie is nog niet bekend).

Toegangsprijs

  • € 300 (leden)
  • € 400 (niet-leden)

Bovenstaande prijs is inclusief koffie, thee en lunch.

Praktijkgerichte mediatraining

In deze praktijkgerichte mediatrainingen door Leene Communicatie krijg je inzicht in het medialandschap en in hoe journalisten denken en werken: wat maakt iets nieuwswaardig, hoe komt een insteek tot stand en hoe houd je regie over je boodschap. Daarnaast ga je vooral veel oefenen: met interviews voor krant, radio en tv, inclusief gerichte feedback op inhoud, helderheid en optreden.

Elk interview is een kans om het verhaal van jouw organisatie of onderzoeksrapport te vertellen. Tegelijk hebben journalisten vaak hun eigen invalshoek al bepaald. Onze mediatrainers – oud-journalisten en woordvoerders – weten op basis van jarenlange praktijkervaring hoe journalisten denken en werken. Tijdens onze mediatraining leren zij je hoe je de regie kunt houden over je eigen boodschap. Zo ben je klaar om zelfverzekerd om te gaan met media. Na de training weet je hoe je:

  • een rapport stevig kunt positioneren in de media;
  • hoe je effectief kunt samenwerken met journalisten, welke codes er gelden;
  • hoe je met een kernboodschap je verhaal goed voorbereid;
  • hoe je dat duidelijk, krachtig en empathisch vertelt;
  • en hoe je omgaat met lastige en onverwachte vragen.

De training is gericht op deelnemers met weinig of geen ervaring. Het programma kent een heldere structuur, logische opbouw en veel interactieve werkvormen. We nemen daarbij de leerdoelen per deelnemer nadrukkelijk mee in de training en koppelen die aan het programma. Deelnemers geven ook feedback op elkaar. Daarbij sturen de trainers op positieve en opbouwende feedback. Het programma bestaat uit zes blokken:

  1. Ken jezelf en jouw leerdoelen
  2. Hoe journalisten denken en nieuws werkt
  3. Kernboodschap formuleren en presenteren
  4. Neem initiatief en houd regie
  5. Communiceren met empathie
  6. Afronden en uitchecken

Tussen diverse blokken wordt het geleerde direct in praktijk geoefend met interviews met de trainer in de journalistenrol. We starten om 9.00 uur, houden lunchpauze om 12.30 uur en koffiepauze rond 10.30 uur en 15.00 uur en ronden af om 16.30 uur.

Er zijn twee trainingsmomenten gepland bij Rekenkamer Amsterdam-Zaanstad (Weesperstraat 105a, 6e etage, Amsterdam): donderdag 21 mei en dinsdag 8 september. Voor iedere training is er ruimte voor maximaal 6 deelnemers.

Praktijkgerichte mediatraining

In deze praktijkgerichte mediatrainingen door Leene Communicatie krijg je inzicht in het medialandschap en in hoe journalisten denken en werken: wat maakt iets nieuwswaardig, hoe komt een insteek tot stand en hoe houd je regie over je boodschap. Daarnaast ga je vooral veel oefenen: met interviews voor krant, radio en tv, inclusief gerichte feedback op inhoud, helderheid en optreden.

Elk interview is een kans om het verhaal van jouw organisatie of onderzoeksrapport te vertellen. Tegelijk hebben journalisten vaak hun eigen invalshoek al bepaald. Onze mediatrainers – oud-journalisten en woordvoerders – weten op basis van jarenlange praktijkervaring hoe journalisten denken en werken. Tijdens onze mediatraining leren zij je hoe je de regie kunt houden over je eigen boodschap. Zo ben je klaar om zelfverzekerd om te gaan met media. Na de training weet je hoe je:

  • een rapport stevig kunt positioneren in de media;
  • hoe je effectief kunt samenwerken met journalisten, welke codes er gelden;
  • hoe je met een kernboodschap je verhaal goed voorbereid;
  • hoe je dat duidelijk, krachtig en empathisch vertelt;
  • en hoe je omgaat met lastige en onverwachte vragen.

De training is gericht op deelnemers met weinig of geen ervaring. Het programma kent een heldere structuur, logische opbouw en veel interactieve werkvormen. We nemen daarbij de leerdoelen per deelnemer nadrukkelijk mee in de training en koppelen die aan het programma. Deelnemers geven ook feedback op elkaar. Daarbij sturen de trainers op positieve en opbouwende feedback. Het programma bestaat uit zes blokken:

  1. Ken jezelf en jouw leerdoelen
  2. Hoe journalisten denken en nieuws werkt
  3. Kernboodschap formuleren en presenteren
  4. Neem initiatief en houd regie
  5. Communiceren met empathie
  6. Afronden en uitchecken

Tussen diverse blokken wordt het geleerde direct in praktijk geoefend met interviews met de trainer in de journalistenrol. We starten om 9.00 uur, houden lunchpauze om 12.30 uur en koffiepauze rond 10.30 uur en 15.00 uur en ronden af om 16.30 uur.

Er zijn twee trainingsmomenten gepland bij Rekenkamer Amsterdam-Zaanstad (Weesperstraat 105a, 6e etage, Amsterdam): donderdag 21 mei en dinsdag 8 september. Voor iedere training is er ruimte voor maximaal 6 deelnemers.

DoeMee onderzoek zorgfraude: kick-off webinar voor deelnemers 

Inmiddels hebben we al een aantal belangrijke stappen gezet in het DoeMee onderzoek naar de aanpak van zorgfraude. We naderen nu een cruciale volgende fase in dit gezamenlijke traject: de start van het lokale praktijkonderzoek.

Om u en uw rekenkamer hier optimaal op voor te bereiden, nodigen wij u van harte uit voor ons aankomende digitale webinar.

Wat kunt u verwachten?

Tijdens deze online bijeenkomst praten we u helemaal bij en zorgen we ervoor dat u goed beslagen ten ijs komt voor het de documentuitvraag in uw eigen gemeente. De volgende onderwerpen staan op de agenda:

  • Stand van zaken: Een update over de voortgang van het onderzoek en de eerste algemene inzichten die we tot nu toe hebben verzameld.
  • Instructies praktijkonderzoek: Concrete handvatten en richtlijnen voor het uitvoeren van de documentuitvraag binnen uw gemeente. We nemen stap voor stap met u door wat u de komende periode kunt verwachten en wat er nodig is.

Praktische informatie

  • Datum: 7 mei
  • Tijd: 12.00 – 13.00 uur
  • Locatie: Digitaal (u ontvangt de MS Teams-link na aanmelding)

Aanmelden

Zorg dat uw rekenkamer goed is voorbereid op de volgende fase van dit onderzoek. U kunt zich eenvoudig aanmelden voor het webinar via de onderstaand formulier.

Heeft u vooraf al specifieke vragen die u graag tijdens het webinar behandeld ziet? Mail deze dan gerust uiterlijk een paar dagen van tevoren naar doemeezorgfraude@bmc.nl. We nemen ze dan zoveel mogelijk mee in de voorbereiding.

Wij kijken ernaar uit u op 7 mei digitaal te ontmoeten en samen de volgende stap te zetten in het onderzoek naar de aanpak van zorgfraude!

De rekenkamer als feedbackinstrument — en waarom dat niet genoeg is

Etienne Lemmens, bestuurssecretaris VvR

Een doel van de rekenkamer is om het zelfcorrigerend vermogen van de decentrale democratie te ondersteunen. Een onafhankelijk orgaan dat de raad voorziet van informatie die de raad niet uit de reguliere kanalen ontvangt, zodat de raad evidence informed kan bijsturen. In systeemtermen: een feedbackloop. Het signaal (het onderzoek) bereikt de ontvanger (de raad), die een eventuele afwijking corrigeert (bijsturing van beleid). Zo zou het moeten werken.

In de praktijk is die loop op minstens drie plaatsen gebroken.

De rekenkamer levert een signaal dat de ontvanger maar moeizaam blijkt te verwerken. Raadsleden zijn deeltijdpolitici die honderden pagina’s beleidsstukken per jaar ontvangen. Een rekenkamerrapport concurreert om aandacht met de begrotingsbehandeling en de vergadering over het parkeerbeleid. De meta-analyses van de VvR laten zien dat rekenkamers veelal tot dezelfde bevindingen komen: doelstellingen zijn niet meetbaar, monitoring ontbreekt, de informatievoorziening aan de raad is onvoldoende. Dat die bevindingen na twintig jaar rekenkameronderzoek nog vaak dezelfde zijn, is het sterkste bewijs dat het signaal van de rekenkamer door de geadresseerde niet goed wordt verwerkt. Rekenkamers zouden eens serieus moeten nagaan of het zinvol/effectief is dat soort aanbevelingen te blijven genereren.

Daarnaast kan de gemeente vaak niet handelen, zelfs als het signaal door de raad kan worden verwerkt. Steeds meer taken worden uitgevoerd via gemeenschappelijke regelingen en regionale samenwerkingsverbanden waar een enkele gemeenteraad nauwelijks greep op heeft. De decentralisaties hebben gemeenten verantwoordelijk gemaakt voor jeugdhulp, Wmo en participatie, maar de sturingsmogelijkheden zijn beperkt door regionale contracten en wettelijke kaders. Een raad die van de rekenkamer hoort dat de kosten voor de jeugdhulp uit de hand lopen, weet dat heus al wel, maar kan er binnen de bestaande structuur simpelweg weinig aan veranderen. De feedbackloop levert een signaal zonder handelingsperspectief.

Tot slot, de rekenkamer koppelt in principe alleen terug naar de raad, terwijl de oorzaken van de problemen vaak buiten het bereik van de raad liggen. Als twintig rekenkamers constateren dat de informatievoorziening over de jeugdhulp structureel tekortschiet, is dat geen lokaal bestuursprobleem maar een systeemfout in de decentralisatie. Die boodschap hoort niet bij de gemeenteraad van een willekeurige gemeente te komen, maar bij de wetgever. De rekenkamer rapporteert aan de raad, de raad stuurt het college aan, en de cirkel sluit zich, maar in dit geval op het verkeerde niveau.

De rekenkamer is niet overbodig. Ze is met het onderzoeksrecht van de raad (art 155a van de gemeentewet) een van de twee onafhankelijke onderzoeksinstrumenten die de raad heeft. Maar ze is ontworpen voor een bestuursmodel waarin de gemeente zelfstandig beleid maakt, uitvoert en evalueert. Dat model bestaat nauwelijks meer. De werkelijkheid is een stelsel van vervlochten bestuurslagen waarin de oorzaken van lokale problemen zelden lokaal zijn en de oplossingen vaak niet binnen het bereik van de individuele raad liggen.

De consequentie is dat de rekenkamer niet alleen een feedbackinstrument voor de raad moet zijn, maar ook voor het stelsel als geheel. Zo kan de decentrale rekenkamer de kanarie in de kolenmijn zijn voor de degenen die systeemverantwoordelijk zijn, zoals ministeries en landelijke toezichthouders. Dat vereist een systematische aggregatie van bevindingen naar het niveau waarop ze relevant zijn. En laat de meta-analyse van de Vereniging daar een instrument bij uitstek voor zijn. Als een meta-analyse laat zien dat een probleem systemisch is, moet die conclusie de wetgever bereiken. En het vereist de bereidheid om te benoemen wanneer de feedbackloop op decentraal niveau structureel niet functioneert, inclusief de misschien ongemakkelijke conclusie dat het probleem niet bij het college of de uitvoering ligt maar bij het stelsel dat een raad in een positie zet waarin deze niet kan bijsturen. Of anders gezegd bij een stelsel dat correctie institutioneel onmogelijk maakt.

Trouwens, een feedbackinstrument als de rekenkamer dat niet mag zeggen dat de feedbackloop is gebroken, is zelf een gebroken feedbackloop.

Publicatie metasynthese decentralisaties en meta-analyse Participatiewet

Tien jaar na de decentralisaties blikt de Vereniging van Rekenkamers met de Metasynthese decentralisaties Sociaal Domein terug op een decennium aan lokale rekenkameronderzoeken binnen het Sociaal Domein. Dit rapport biedt een overkoepelende analyse van de meta-analyses Jeugdwet, Wmo, Participatiewet en Schuldhulpverlening, en geeft inzicht in de overeenkomsten en verschillen tussen de rekenkameronderzoeken naar deze onderwerpen. Wat kan hiervan geleerd worden?

De metasynthese legt een aantal structurele patronen bloot in de conclusies en aanbevelingen van deze onderzoeken. Beleid en doelstellingen zijn onvoldoende concreet en SMART geformuleerd, wat effectieve monitoring en controle door de raad bemoeilijkt. Dit past bij het structurele knelpunt op het gebied van informatievoorziening aan de raad, waarbij zowel een rol voor het college als voor de raad zelf is weggelegd. Daarnaast is het bereiken van kwetsbare doelgroepen een uitdaging, evenals de hoge werkdruk, administratieve lasten en personeelskrapte. De beoogde transformatiedoelen, zoals ontschotting en integrale hulpverlening, worden veelal niet of slechts ten dele bereikt blijkt uit de meta-analyses.

Binnen Wmo en Jeugdhulp komen sterk stijgende kosten en het gebrek aan financiële grip ook terug als dominant thema’s, evenals het gebrek aan politiek-bestuurlijke prioriteit voor het onderwerp zorgfraude in de beperkte hoeveelheid onderzoeken die hiernaar zijn gedaan. In de aanbevelingen van onderzoeken binnen Jeugdhulp en Schuldhulpverlening worden preventie en vroegsignalering aangemerkt als belangrijke potentiële succesfactoren.

Onderwerpen die vaker onderzocht mogen worden zijn de samenhang en integraliteit van beleid binnen het Sociaal Domein, informatievoorziening en de rol van de raad en het college daarin, en de doeltreffendheid en doelmatigheid van het beleid. Daarnaast is meer onderzoek nodig dat start bij de ervaringen van inwoners binnen het Sociaal Domein van de gemeente (bottom-up) in plaats van bij het beleidskader. Zo sluit onderzoek beter aan bij de dagelijkse praktijk van de inwoner in plaats van bij de papieren werkelijkheid.

Om de impact van rekenkameronderzoek te vergroten zijn er drie aanbevelingen voor rekenkamers opgesteld:

  1. Ga voorbij generieke aanbevelingen over beleidsdoelstellingen en monitoring. Rekenkamers zouden moeten achterhalen hoe zij raden kunnen helpen sturen op politieke hoofdlijnen en maatschappelijke effecten (outcome) in plaats van enkel op technische output. Dit vraagt om een andere manier van kijken naar onderzoeksvragen en resultaten.
  2. Positioneer de griffie als strategisch partner van de raad.
    De griffie kan raadsleden ondersteunen bij het agenderen van complexe thema’s op het juiste abstractieniveau en de opvolging van langetermijnafspraken bewaken. Rekenkamers kunnen in hun aanbevelingen de griffie expliciet adresseren in deze faciliterende rol.
  3. Focus op integraal onderzoek met aandacht voor het perspectief van de inwoner.
    Door het perspectief van de inwoner of de professional in de praktijk centraal te stellen, worden maatschappelijke effecten en lacunes in de uitvoering zichtbaar die anders verborgen blijven. Dit type onderzoek werkt bovendien agenderend voor de raad.

Zoals gezegd bouwt deze metasynthese voort op bestaande meta-analyses:

  1. De nieuwe meta-analyse Participatiewet, die gelijktijdig met deze metasynthese gepubliceerd wordt
  2. De al bestaande meta-analyses Wmo, Jeugdhulp en Schuldhulpverlening

Bekijk https://www.rekenkamers.nl/meta/ voor meer informatie.

Pilot Cursus Goed opdrachtgeverschap

Schrijf u nu in voor de pilot van de nieuwe cursus “Goed opdrachtgeverschap”

De Vereniging van Rekenkamers (VvR) ontwikkelt samen met BMC een nieuwe cursus over hoe goed opdrachtgeverschap van rekenkamers eruit kan zien. Helder en gestructureerd opdrachtgeverschap is belangrijk voor een succesvol onderzoekstraject. De VvR signaleert dat rekenkamers hun rol als opdrachtgever voor externe onderzoeksbureaus soms uitdagend vinden en ziet hier een kans voor ondersteuning van rekenkamers. De nieuwe cursus bundelt kennis en expertise uit het veld en geeft rekenkamers concrete handvatten om met het opdrachtgeverschap aan de slag te gaan in de dagelijkse praktijk van het rekenkamerwerk.

Wij nodigen u uit om deel te nemen aan de pilot van deze cursus. Uw feedback is belangrijk om de inhoud verder te verfijnen en optimaal aan te laten sluiten bij de praktijk.

De cursus duurt een dagdeel en bestaat uit vier onderdelen:

  1. Kennismaking: Bespreking van hoe deelnemers hun rol als opdrachtgever invullen. Deelnemers kunnen vooraf een casus insturen ter bespreking.
  2. Het theoretische deel: Bespreking van de verschillende rollen en fases van opdrachtgeverschap, inclusief knelpunten en succesfactoren. De theorie wordt geïllustreerd met concrete goede en minder goede voorbeelden.
  3. Het praktische deel: In kleine groepjes wordt onder leiding van de cursusleiders gewerkt aan opdrachten om het theoretische deel van de dag meteen te kunnen verbinden aan de praktijk.
  4. Reflectie: Terugkoppeling van groepsopdrachten en bespreking van de leerpunten, inclusief evaluatie van de cursusopzet.

Aan het einde van de cursus heeft u inzicht in de fases en rollen van opdrachtgeverschap, kunt u reflecteren op uw eigen aanpak, u weet u hoe u deze kennis kunt toepassen in uw dagelijkse rekenkamerpraktijk en u heeft inzicht in hoe opdrachtnemers werken, denken en doen.

Informatie over de aanmelding

Enkele weken voor de cursus zullen we u benaderen met de vraag om een concrete casus aan te leveren waarin u bijvoorbeeld zelf tegen moeilijkheden aanliep in het opdrachtgeverschap of waarin het opdrachtgeverschap (uitzonderlijk) goed is verlopen. Deze casussen kunnen besproken worden tijdens de cursus.

Heeft u vragen, dan kunt u contact opnemen met de vereniging.

Training: Begrijpelijk leren schrijven

Schrijf je rapporten altijd zo dat lezers meteen snappen wat je bedoelt? En hoe weet je dat eigenlijk zeker? Als lid of medewerker van een rekenkamer werk je met complexe informatie. Toch moet je boodschap helder en overtuigend zijn voor volksveretegenwoordigers, bestuurders én inwoners. Zo zorg je voor rapporten die niet in een la blijven liggen.

Schrijf je in voor de aftrap

We beginnen met een inspirerende aftrap. Tijdens deze aftrap nemen we je mee in de wereld van de lezer. Voor wie schrijf je eigenlijk? Wat weet je over die lezer? En vooral: wat wil je bereiken met je tekst? Na dit uur weet je beter waarom begrijpelijke taal onmisbaar is voor je werk. En heb je ook een paar tips gekregen om er direct zelf mee aan de slag te gaan.

Wil je echt leren hoe je zelf begrijpelijke teksten schrijft? Dan kun je na de aftrap verdergaan met de rest van de training. Je volgt dan nog twee online bijeenkomsten van een uur. In het formulier hieronder zie je welke tijdstippen beschikbaar zijn.

Je kunt je dus inschrijven voor alleen de aftrap of voor de volledige training. Volg je de volledige training? Zorg er dan voor dat je de bijeenkomsten in de juiste volgorde volgt: eerst bijeenkomst 1 en daarna pas bijeenkomst 2 en 3.

Vereniging van Rekenkamers en BMC starten onderzoek naar weerbaarheid van gemeenten tegen zorgfraude

Hoe effectief pakken gemeenten zorgfraude aan en hoe weerbaar zijn zij tegen misbruik van publiek geld? In opdracht van de Vereniging van Rekenkamers start onderzoeksbureau BMC het ‘DoeMee-onderzoek 2026’. Dit grootschalige onderzoek brengt voor 140 gemeentelijke rekenkamers voor het eerst op innovatieve wijze in kaart welke maatregelen gemeenten nemen om fraude binnen de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Jeugdwet te voorkomen en te bestrijden.

Zorgfraude is een veelzijdig en ernstig maatschappelijk probleem. Het varieert van spookkosten voor niet-bestaande cliënten, het leveren van onnodige begeleiding tot het manipuleren van dossiers om hogere vergoedingen te innen. De impact is groot: kwetsbare mensen ontvangen niet de zorg die zij nodig hebben en schaarse maatschappelijke middelen vloeien weg naar de verkeerde zakken. Zorg is hierdoor duurder dan noodzakelijk.

Kern van het onderzoek

Het ‘DoeMee-onderzoek 2026’ richt zich op twee kernvragen:

  • Hoe weerbaar zijn gemeenten en samenwerkingsverbanden tegen zorgfraude binnen de Wet Maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Jeugdwet?
  • Welke aanpak en maatregelen nemen gemeenten om zorgfraude tegen te gaan, zowel preventief als repressief, en wat zijn de redelijkerwijs te verwachten effecten hiervan?

Innovatieve onderzoeksaanpak met AI-componenten

Het onderzoek van BMC kenmerkt zich door een grondige, gefaseerde aanpak waarbij wetenschappelijke inzichten, inzichten van experts en de gemeentelijke praktijk samenkomen. Ook wordt er slim gebruikgemaakt van de inzet van AI.

Dubbel resultaat: Lokaal én landelijk

Het onderzoek levert begin 2027 twee belangrijke producten op. Elke deelnemende rekenkamer ontvangt een eigen lokale rapportage waarmee deze lokale rekenkamer gerichte aanbevelingen kan doen aan de eigen gemeenteraad. Daarnaast publiceren de Vereniging van Rekenkamers en BMC een overkoepelend landelijk rapport dat trends, hiaten en strategieën in de strijd tegen zorgfraude in heel Nederland inzichtelijk maakt.

Over de Vereniging van Rekenkamers en BMC

De Vereniging van Rekenkamers stimuleert met het jaarlijkse DoeMee-onderzoek lokale rekenkamers om gezamenlijk belangrijke maatschappelijke thema’s te onderzoeken. BMC is een toonaangevend onderzoeks- en adviesbureau met uitgebreide ervaring in het publieke domein en rekenkameronderzoek.

Voor meer informatie over het onderzoek kunt u contact opnemen met Lies van Aelst (directeur Vereniging van Rekenkamers) op lies.van.aelst@rekenkamers.nl of 06-51602054.

‘Schipperen tussen crises en ambitie’: DoeMee onderzoek onderbesteding gepubliceerd

De Vereniging van Rekenkamers organiseert elk jaar een gezamenlijk onderzoek waar decentrale rekenkamers zich voor kunnen inschrijven. Het zogenaamde DoeMee onderzoek van 2025 ging over onderbesteding en is nu afgerond. Er namen zes provincies, tien waterschappen en 138 gemeenten deel.

Verdeling van middelen is één van de belangrijkste taken van raden, staten en algemene besturen. Dit was de afgelopen jaren steeds lastiger, vooral in gemeenten, omdat het verdelen in schaarste was en vaak moeilijke en pijnlijke keuzes betekende. Sturen op de begroting blijkt vaak ook lastig, omdat het ingewikkelde documenten blijven.

De Vereniging van Rekenkamers koos voor onderbesteding als onderwerp van het DoeMee onderzoek van 2025 om volksvertegenwoordigers te helpen de budgettaire knoppen te vinden waar zij aan kunnen draaien. Dit onderzoek maakt inzichtelijk waar in jouw gemeente, provincie of waterschap structureel geld overblijft wat je bij het begroten beter zou kunnen budgetteren.

De belangrijkste posten waarop dit geconstateerd is, zijn de volgende:

  • We vonden optimisme in de planning grote projecten waarna geld bij vertraging en tegenslagen wordt doorgeschoven naar volgende begrotingsjaren (geoormerkt). Deze tegenslagen in de planning zijn (deels) wellicht van te voren te voorzien.
  • Optimisme bij het invullen van vacatures: doordat dit jaar op jaar niet lukt, wordt elk jaar opnieuw begroot dat de personeelskosten dit jaar wel uitgegeven zullen worden, waardoor er geld structureel overblijft.
  • Pessimisme bij inkomsten belastingen: belastinginkomsten worden structureel te laag ingeschat, dit zorgt voor structureel hogere opbrengsten dan geraamd.
  • Het Rijk werkt verstorend op de gemeentebegroting door de mei-, september- en decembercirculaire en de incidentele middelen die hier vrijkomen

Op het laatste punt na, is dit onderbesteding waar raad, staten en algemeen bestuur invloed op uit kunnen oefenen. Zo kunnen zij, met hulp van dit rekenkameronderzoek, nog beter begroten en bij het behandelen van de begroting alleen die lastige keuzes maken die echt nodig zijn.

Het overkoepelende onderzoeksrapport, ‘‘Schipperen tussen crises en ambitie” is vanaf nu beschikbaar via onderstaande link. De rekenkamers die hebben deelgenomen aan het onderzoek gaan de komende weken aan de slag met het opstellen van een individuele rekenkamerbrief voor hun volksvertegenwoordigers. Daarin staan de bevindingen over onderbesteding in hun gemeente, waterschap of provincie, op basis van de door het onderzoeksteam aangeleverde gegevens.

Link naar eindrapport

Link naar persbericht (Word-document)

Rondetafel (digitaal) onderzoek arbeidsmigranten

Tijdens het najaarscongres van de Vereniging van Rekenkamers heeft een tiental rekenkamers in een workshop de interesse en mogelijkheden verkend voor samenwerking bij een toekomstig onderzoek naar arbeidsmigranten. Die samenwerking kan allerlei vormen aannemen, variërend van lichte afstemming en uitwisseling van ervaringen, tot gezamenlijk onderzoek doen; en alles daar tussenin.

Een aantal van deze rekenkamers praat op 26 maart van 15.00-17.00 uur digitaal hierover verder. We nodigen andere geïnteresseerde rekenkamers uit om aan te sluiten (met een maximum van 10). Meedoen aan deze sessie verplicht je tot niets. We verkennen de verschillende wensen en mogelijkheden, en maken indien gewenst vervolgafspraken. De Rekenkamer Venlo, die al in 2025 met een onderzoek naar arbeidsmigranten is gestart, zal kort de voortgang en eerste inzichten delen.

Lunchwebinar ‘Kennis maken met de raad’

Onderzoeken doen we vooral voor de raad. Maar onze rekenkameronderzoeken hebben alleen impact als raadsleden ze echt kunnen “ontvangen”. Daarvoor moet je op elkaar inspelen en goed samenwerken. De raadsverkiezingen zijn een prima aanleiding voor een goed gesprek daarover met je raad.

Hoe maak je op een zinvolle manier samen kennis? Los van de waan van de dag delen waarom je er voor de raad bent, wat je wilt bereiken en hoe je werkt. En wat raadsleden belangrijk vinden in de samenwerking met hun rekenkamer(commissie).

Daarover organiseren Vincent van Stipdonk en Marije van den Berg woensdag 15 april van 12:00 – 13:00 uur een gratis lunch-webinar.

Het is een reprise van de webinars van december 2025 en januari 2026.
Je krijgt allerlei praktische tips en hulpmiddelen.
Van ons en van elkaar. We doen deze reprise na de verkiezingen, zodat je nog snel goede input krijgt voor het steviger invullen van je plek in het startprogramma van de raad!

Workshop “breder zicht op doorwerking van beleid”

Beleid heeft vaak meer en andere effecten dan vooraf wordt verwacht. Omdat we in rekenkameronderzoek vaak beginnen met de vraag of de beoogde doelen inderdaad bereikt worden, blijven bijwerkingen en vertraagde effecten regelmatig buiten beeld. In de praktijk blijkt de doorwerking van beleid vaak complexer en trager dan in onderzoek naar voren komt.

Een manier om dat bredere perspectief wel in beeld te krijgen, is door te kijken naar het hele systeem. In deze workshop kijken we daarom vanuit een systeemperspectief naar beleid en gaan we aan de slag met de methode group model building: een gezamenlijke werkwijze waarbij onderzoekers en betrokkenen samen een model maken dat laat zien hoe verschillende factoren elkaar beïnvloeden en hoe beleid doorwerkt in de tijd.

Om deze methode goed te begrijpen, bespreken we eerst de basis van systeemdynamica, zoals de doorwerking van beleid en vertraagde en gelijktijdige effecten. Daarna passen we de methode toe op een fictieve casus. Samen bouwen we een causaal model dat de belangrijkste verbanden en terugkoppelingen zichtbaar maakt.

Zo krijgen deelnemers meer inzicht in hoe deze aanpak kan worden gebruikt om beleid en de impact ervan beter te begrijpen. Tot slot gaan we dieper in op de aannames, mogelijkheden en beperkingen van group model building. Aan de hand van twee artikelen bespreken we hoe deze aanpak kan helpen om beleid en de effecten ervan beter te begrijpen.

De bijeenkomst duurt 4-4,5 uur.

De workshop wordt begeleid door prof. dr Marlies Honingh en Eva Kloet MSc

Deze workshop wordt op twee momenten aangeboden:

Workshop “breder zicht op doorwerking van beleid”

Beleid heeft vaak meer en andere effecten dan vooraf wordt verwacht. Omdat we in rekenkameronderzoek vaak beginnen met de vraag of de beoogde doelen inderdaad bereikt worden, blijven bijwerkingen en vertraagde effecten regelmatig buiten beeld. In de praktijk blijkt de doorwerking van beleid vaak complexer en trager dan in onderzoek naar voren komt.

Een manier om dat bredere perspectief wel in beeld te krijgen, is door te kijken naar het hele systeem. In deze workshop kijken we daarom vanuit een systeemperspectief naar beleid en gaan we aan de slag met de methode group model building: een gezamenlijke werkwijze waarbij onderzoekers en betrokkenen samen een model maken dat laat zien hoe verschillende factoren elkaar beïnvloeden en hoe beleid doorwerkt in de tijd.

Om deze methode goed te begrijpen, bespreken we eerst de basis van systeemdynamica, zoals de doorwerking van beleid en vertraagde en gelijktijdige effecten. Daarna passen we de methode toe op een fictieve casus. Samen bouwen we een causaal model dat de belangrijkste verbanden en terugkoppelingen zichtbaar maakt.

Zo krijgen deelnemers meer inzicht in hoe deze aanpak kan worden gebruikt om beleid en de impact ervan beter te begrijpen. Tot slot gaan we dieper in op de aannames, mogelijkheden en beperkingen van group model building. Aan de hand van twee artikelen bespreken we hoe deze aanpak kan helpen om beleid en de effecten ervan beter te begrijpen.

De bijeenkomst duurt 4-4,5 uur.

De workshop wordt begeleid door prof. dr Marlies Honingh en Eva Kloet MSc

Deze workshop wordt op twee momenten aangeboden:

Startbijeenkomst DoeMee onderzoek 2026

Het DoeMee onderzoek 2026 gaat over welke maatregelen gemeenten inzetten om zorgfraude te voorkomen. De Vereniging van Rekenkamers wil met dit onderzoek bijdragen aan de kennisvorming over de aanpak van zorgfraude binnen de Wmo en Jeugdwet door gemeenten en regio’s. Naast probleemsignalering wil de vereniging ook zoveel mogelijk inzicht geven in welke (combinaties van) maatregelen effectief zijn en welke minder, of zelfs niet effectief.

Het onderzoek zal uitgevoerd worden door onderzoeksbureau BMC. In dit webinar stelt het onderzoeksteam zicht voor, vertelt over hun plan van aanpak en wat er, op welk moment, van de rekenkamers verwacht wordt.

Inschrijven voor het DoeMee onderzoek kan nog tot 15 februari via https://doemee.rekenkamers.nl/2026-zorgfraude/.
Op die pagina is alle informatie over het onderzoek na te lezen, waaronder de complete onderzoeksuitvraag zoals wij die met de onderzoeksbureaus hebben gedeeld en het plan van aanpak van BMC.

DoeMee 2026 – maatregelen tegen zorgfraude: BMC gaat onderzoek uitvoeren

Het DoeMee onderzoek 2026 over welke maatregelen gemeenten kunnen inzetten en daadwerkelijk inzetten tegen zorgfraude, zal worden uitgevoerd door onderzoeksbureau BMC. BMC heeft uitgebreide ervaring met rekenkameronderzoek en het onderzoeksteam is goed bekend met de wereld van rekenkamers.

In het onderzoek staan twee vragen centraal:

  1. Hoe weerbaar zijn gemeenten en samenwerkingsverbanden tegen zorgfraude binnen de Wet Maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Jeugdwet?
  2. Welke aanpak en maatregelen nemen gemeenten om zorgfraude tegen te gaan, zowel preventief als repressief, en wat zijn de redelijkerwijs te verwachten effecten hiervan?

Deze vragen worden beantwoord door het inzetten van een expertpanel, documentanalyse en een vragenlijst. De onderzoeksaanpak is erop gericht om de lokale rekenkamers en de ambtelijke organisatie zoveel mogelijk te ontlasten.BMC begint met een inventarisatie van alle mogelijke maatregelen om zorgfraude te voorkomen, te signaleren, te onderzoeken en aan te pakken, op basis van literatuur en de inzet van een expertpanel. Daarna volgt een gerichte documentuitvraag aan de ambtelijke organisaties. Hierin worden documenten opgevraagd die inzicht geven in de maatregelen die gemeenten inzetten (op papier en in de praktijk).

Deze documenten worden vervolgens geanalyseerd met behulp van AI, in een veilige, afgeschermde omgeving. De uitkomst van de analyse is per gemeente een overzicht van de ingezette maatregelen. Dit overzicht dient als basis voor een digitale, gestructureerde vragenlijst. Met deze vragenlijst kan de ambtelijke organisatie het door BMC gemaakte overzicht controleren, aanvullen en verdiepen. Hierna maakt BMC per deelnemende gemeente een beknopt overzicht van de uitkomsten en vindt er ambtelijk wederhoor plaats. Daarnaast schrijft BMC een overkoepelend rapport, waar ook het expertpanel weer bij betrokken wordt.

Om het overkoepelende rapport te voorzien van concrete inspiratie en goede voorbeelden van de aanpak van zorgfraude vragen we aan rekenkamers die dat leuk vinden om zo’n inspirerend of goed voorbeeld op te halen bij hun gemeente. BMC geeft de rekenkamers die dit onderdeel op zich willen nemen duidelijke instructies over welke informatie nodig is.

Inschrijven kan nog tot 15 februari via https://doemee.rekenkamers.nl/2026-zorgfraude/.
Op die pagina is alle informatie na te lezen, waaronder de complete onderzoeksuitvraag zoals wij die met de onderzoeksbureaus hebben gedeeld en het plan van aanpak van BMC.

De online startbijeenkomst vindt plaats op 23 februari van 12.00 tot 13.30. Inschrijven daarvoor kan hier. Na afloop is de opname terug te kijken op de website.

Twijfel je nog over deelname? Neem dan even contact op via info@rekenkamers.nl – we staan klaar om al je vragen te beantwoorden!

Webinar DoeMee onderzoek 2025: bevindingen en vervolgstappen

Het overkoepelende eindrapport van het DoeMee onderzoek 2025 naar onderbesteding wordt eind februari opgeleverd, samen met een factsheet voor elke deelnemer en een concept rekenkamerbrief.

In dit webinar nemen wij jullie mee in de belangrijkste overkoepelende bevindingen uit het onderzoek. We kijken samen naar de factsheets en hoe je deze kan gebruiken voor jouw eigen rekenkamerbrief. Wat is relevante informatie voor jouw volksvertegenwoordiging en wat kunnen ze daar vervolgens concreet mee?

Ook gaan we in op overkoepelende vervolgstappen: de Algemene Rekenkamer is nauw betrokken geweest bij dit onderzoek en ook de VNG volgt het op de voet. Wat kunnen zij met de bevindingen? En wat betekent dat vervolgens weer voor lokale overheden?

Het webinar vindt plaats op maandag 2 maart van 13:00 tot 14:00. Als dat niet uitkomt, kan je later de opname terugkijken op de website van de Vereniging van Rekenkamers.

Online masterclass: De juridische basis van de rekenkamer

In de online masterclass ‘de juridische basis van de rekenkamer’ gaat Arjan Kok (Rekenkamer Amsterdam-Zaanstad) in op de vraag wat het voor leden en medewerkers van rekenkamers betekent dat de rekenkamer een bestuursorgaan is. Welke verplichtingen brengt dit met zich mee? Arjan beantwoordt al jaren juridische vragen voor de vereniging een besteedt daar in het webinar uitgebreid aandacht aan. Die vragen gaan bijvoorbeeld over de Wet openheid overheid (Woo). Er wordt stilgestaan bij de vragen welke informatie je als rekenkamer openbaar moet maken, hoe je dat doet en hoe moet je handelen als je een Woo-verzoek ontvangt. De masterclass sluit af met de onderzoeksrechten en -plichten van rekenkamers. En met de plicht van college van B en W (gemeenten), Gedeputeerde staten (provincies) en het dagelijks bestuur van het Waterschap om jaarlijks een overzicht op te stellen over de opvolging van de aanbeveling van de rekenkamer.

Ben je voor de masterclass al nieuwsgierig naar deze onderwerpen? Lees dan het handboek De binnen- en buitenkant van rekenkamers (Boom uitgeverij, november 2024).

Wil je dat jouw vraag wordt behandeld tijdens de masterclass? Mail je vraag dan voor 1 september 2026 naar info@rekenkamers.nl. Ook tijdens de masterclass is het mogelijk om vragen te stellen.

Webinar: onderzoek doen naar brede welvaart

De afgelopen jaren is brede welvaart een steeds actueler politiek thema geworden. De term staat in veel verkiezingsprogramma’s, collegeakkoorden en ook landelijke adviesorganen als de SER schrijven er regelmatig over. Maar wat is brede welvaart? En hoe kun je hier als rekenkamer onderzoek naar doen? De Noordelijke Rekenkamer en de rekenkamers van Apeldoorn en Rivierenland deden hier reeds onderzoek naar. Zij nemen je graag mee in hun opzet, uitkomsten en aandachtpunten voor als jouw rekenkamer dit thema op wil pakken!

Opname Lunchwebinar ‘Kennis maken met de raad’

Je kan de sheets onder de tips downloaden.

Belangrijkste punten uit de chat

Welke onderwerpen zijn belangrijk in de kennismakingsbijeenkomst met de nieuwe raad? Wat zou je willen dat de raadsleden vragen? En wat wil jij hen vragen?

  • Waar denkt een raadslid aan als hij / zij het begrip ‘Rekenkamer’ hoort?
  • Wat kunnen we voor elkaar betekenen?
  • Hoe kunnen we de RK als middel voor ons het beste inzetten?
  • Wat kan de rekenkamer voor mij als raadslid betekenen?
  • Zijn er onderwerpen waarvan u als Raad vindt, dat ze nadere aandacht vragen van de Rekenkamer?
  • In welke vorm wil de raad door de rekenkamer worden geïnformeerd? En hoe vaak?

Tips

  • Er is een infographic beschikbaar over rekenkamerwerk die je kan aanpassen met eigen naam en logo.
  • Er is al heel veel kennis aanwezig in rekenkamerland, waar je je raadsleden op kan wijzen. Kijk bijvoorbeeld eens naar de metadossiers en meta-analyses; deze worden binnenkort voorzien van infographics
  • Vincent gaf bij het afgelopen najaarscongres een workshop over contact met de volksvertegenwoordiging; de sheets daarvan staan hier.
  • Bij contact mag het best wel eens schuren: als iedereen het altijd met elkaar eens is, kom je niet vooruit. Frictie kan wel emoties oproepen; daarover binnenkort een masterclass.

5 vragen aan Samantha Langendoen, Algemeen bestuurslid

Wie is Samantha?

Ik ben Samantha, opgegroeid aan de kust van Zuid-Holland maar inmiddels alweer een flink deel van mijn leven woonachtig in het mooie Brabant, in Tilburg om precies te zijn. Ik woon daar met mijn man en mijn zoontje in het bruisende centrum van de stad. Onderzoek is mijn passie, maar ’s avonds ontspan ik graag met een aflevering B&B Vol Liefde. Verder kun je me vinden achter een goed boek of lekker bezig in de tuin, maar ook de polonaise met carnaval sla ik niet over. Sinds 2025 ben ik, naast secretaris-onderzoeker van de Rekenkamer Breda, bestuurslid van de Vereniging van Rekenkamers.

Hoe ben je in de wereld van rekenkamers terecht gekomen?

Mijn gehele jeugd heb ik gedroomd van een baan in de zorgsector, maar eenmaal begonnen aan mijn stages merkte ik dat het zeer onbevredigend was om werk uit te voeren in een omgeving waarin niemand zich druk maakte om de vraag ‘waarom doen we dit eigenlijk op deze manier’. In mijn studie sociologie vond ik wat ik zocht: de instrumenten om kritisch naar de wereld te kijken en deze te bevragen. Na mijn studie maakte ik wat omzwervingen in de consultancy, als data scientist en als zelfstandig beleidsonderzoeker, waarna ik terecht kwam bij de Rekenkamer Rotterdam. Daar ontdekte ik de wereld van rekenkamers. Een kritische ‘luis in de pels’ van het gemeentebestuur. Met tijd en mogelijkheden om grondig onderzoek te doen naar gevoerd beleid met als doel een beter functionerende gemeente. Een droombaan voor iedereen met een passie voor onderzoek. Sindsdien ben ik verknocht aan dit vakgebied, en was het ook niet meer dan logisch dat ik als volgende stap koos voor de Rekenkamer Breda. Daar ben ik sinds 2024 secretaris-onderzoeker.

Wat zijn je speerpunten als nieuw bestuurslid?

Ik vind dat we als vereniging in de afgelopen jaren mooie stappen hebben gezet om rekenkamers te ondersteunen en te helpen te professionaliseren en groeien. Maar we moeten ook niet de basis vergeten: waarom doen we wat we doen, en hoe doen we dat op de beste manier? Als vereniging hebben we een taak om die basis te borgen, in ons handelen en in wet- en regelgeving, maar ook om die basis te bevragen en te ontwikkelen.
Een groot deel van dat fundament zit in de werkzaamheden die secretarissen en onderzoekers dagelijks uitvoeren. Zij zijn de oren en ogen van de rekenkamers. Ik vind het belangrijk dat zij gehoord en ondersteund worden in hun positie en de tools hebben om, binnen de verschillende krachtenvelden waarin zij zich bevinden, stevig in hun schoenen te blijven staan. Ik hoop dat ik daar als bestuurslid de komende jaren aan mag helpen bijdragen!

Hoe kan de positie van onze vereniging nog verder versterkt worden?

Er is een mooie lijn ingezet: in de afgelopen jaren is de vereniging gegroeid van een belangenorganisatie naar een belangrijke kennispartner voor rekenkamers. Ik gun het de vereniging en de rekenkamers dat deze lijn doorzet en we als vereniging de basis zijn voor elke rekenkamer en elk rekenkameronderzoek, zodat we gezamenlijk kunnen groeien.

Welke vraag die we niet hebben gesteld zou je graag willen beantwoorden? En wat zou je antwoord zijn?

Hoe blijven rekenkamers relevant in een tijd waarin informatie overvloedig is en aandacht schaars? Ik denk dat dit een vraag is die we onszelf moeten blijven stellen. Heb ik daar dan ook direct een antwoord op? Niet helemaal, maar ik denk wel dat we als rekenkamers scherpe keuzes moeten maken in onze onderzoeken en onderwerpkeuze. En dat we moeten zorgen dat we in de grote berg aan informatie de juiste informatie op een toegankelijke manier over weten te brengen. En ook al willen we dat niet altijd toegeven, dat zit soms meer in het juiste gesprek op het juiste moment dan in een dik en supervolledig rapport.

Scriptie onafhankelijkheid decentrale rekenkamers

Sebastiaan van den Hout, recent afgestudeerd als bestuurskundige aan de Universiteit Leiden, is met zijn scriptie ‘Public auditors at arm’s length or arms twisted? Exploring the independence of municipal auditing institutions in the Netherlands’ genomineerd voor de Algemene Rekenkamer scriptieprijs 2026.

In zijn scriptie onderzoekt Sebastiaan de onafhankelijkheid van Nederlandse gemeentelijke rekenkamers in het licht van de Wet versterking decentrale rekenkamers van januari 2023. De resultaten maken inzichtelijk hoe de formele waarborgen van de wet zich in de praktijk vertalen. Zo wordt duidelijk dat de wetswijziging deels bestaande ontwikkelingen formaliseert, maar mogelijk ook andere spanningen en afhankelijkheden verder uitvergroot. Met zijn onderzoek levert Sebastiaan een mooie bijdrage aan een steeds groter aantal wetenschappelijke publicaties over decentrale rekenkamers.

Sinds 2023 reikt de Algemene Rekenkamer elk jaar een scriptieprijs uit. De scriptieprijs is onderdeel van het Programma Academische Samenwerking waarmee de banden tussen de Algemene Rekenkamer en de wetenschap verder worden verstevigd. Met de prijs probeert de Rekenkamer belangrijkste vraagstukken rondom publieke verantwoording en beleidsonderzoek breder zichtbaar te maken. De prijs is bedoeld voor master- en postmasterscripties geschreven aan een Nederlandse universiteiten die minimaal met een acht zijn beoordeeld.

Op woensdag 11 februari maakt Barbara Joziasse, collegelid van de Algemene Rekenkamer, de winnaars van deze editie bekend tijdens een feestelijke bijeenkomst in Den Haag.

Training: Rapporten met impact schrijven

Schrijf je rapporten altijd zo dat lezers meteen snappen wat je bedoelt? En hoe weet je dat eigenlijk zeker? Als lid of medewerker van een rekenkamer werk je met complexe informatie. Toch moet je boodschap helder en overtuigend zijn voor volksveretegenwoordigers, bestuurders én inwoners. Zo zorg je voor rapporten die niet in een la blijven liggen.

Schrijf je in voor de aftrap

We beginnen met een inspirerende aftrap. Tijdens deze aftrap nemen we je mee in de wereld van de lezer. Voor wie schrijf je eigenlijk? Wat weet je over die lezer? En vooral: wat wil je bereiken met je tekst? Na dit uur weet je beter waarom begrijpelijke taal onmisbaar is voor je werk. En heb je ook een paar tips gekregen om er direct zelf mee aan de slag te gaan.

Wil je echt leren hoe je zelf begrijpelijke teksten schrijft? Dan kun je na de aftrap verdergaan met de rest van de training. Je volgt dan nog twee online bijeenkomsten van een uur. In het formulier hieronder zie je welke tijdstippen beschikbaar zijn.

Je kunt je dus inschrijven voor alleen de aftrap of voor de volledige training. Volg je de volledige training? Zorg er dan voor dat je de bijeenkomsten in de juiste volgorde volgt: eerst bijeenkomst 1 en daarna pas bijeenkomst 2 en 3.

Bijeenkomst Kennisplatform Limburgse Rekenkamers over Rekenkamerrelaties

Op vrijdag 6 maart komt de Kenniskring van Limburgse rekenkamers in Heerlen bij elkaar om het thema ‘Rekenkamerrelaties’ vanuit diverse perspectieven te bespreken. In deze bijeenkomst start Marije van den Berg met een interactieve sessie over het onderwerp ‘de rekenkamer in haar omgeving’.  We gaan daarna onder leiding van Siem Mertens in op de invloed van dialect: ‘Spreken we elkaars taal?’  Hoe beïnvloedt dialect het contact van de rekenkamer met raadsleden, collegeleden, ambtenaren.

Rondom deze programmaonderdelen informeert directeur van de VvR Lies van Aelst de deelnemers over de laatste ontwikkelingen binnen de Vereniging van Rekenkamers en vertelt Klaartje Peters (voorzitter RK Venlo) kort over hun onderzoek naar arbeidsmiganten en inventariseren we mogelijkheden tot samenwerking op dit thema.

Natuurlijk sluiten we af met een drankje en een hapje en veel mogelijkheden om kennis te maken en bij te praten.

Aanmelden voor dit mini-congres, ondersteund door onze vereniging, kan via Arno Vestjens (arnovestjens@roermond.nl)

Najaarscongres 2025 verslag

Najaarscongres 2025

Samen weet je meer, zie je meer en bereik je meer! Tijdens de Algemene Ledenvergadering en Najaarscongres op 28 november in Driebergen doken we dieper in het thema samenwerking, in de breedste zin van het woord.

Terwijl de congresbezoekers binnendruppelden en aan de koffie begonnen, was de Algemene ledenvergadering al in volle gang. Het belangrijkste wapenfeit van de ledenvergadering was, de benoeming van Samantha Langendoen, secretaris van de Rekenkamer Breda, tot lid van het bestuur van de vereniging.

Plenaire sprekers

Tijdens de plenaire sessies vertelde Ewout Irrgang (Algemene Rekenkamer) over de verschuivende financiële verhoudingen tussen Rijk en decentrale overheden, en wat dit betekent voor het toezicht: ook daarin zal meer samengewerkt moeten worden (lees zijn hele betoog hier). Denker der Nederlanden David Van Reybrouck ging in gesprek met lector ethiek en voorzitter rekenkamer De Bilt Rogier van der Wal over de rol die rekenkamers en burgerberaden kunnen spelen in een democratisch bestel waarin steeds meer maanden besteed worden aan campagne voeren en formeren, en steeds minder tijd overblijft voor regeren. Ook Karen van Oudenhoven (Directeur Sociaal en Cultureel Planbureau) pleitte ervoor om de burger een plek aan de ontwerptafel van beleid te geven om zo de sensitiviteit en het lerend vermogen van de overheid te vergroten. Meer hierover in haar oratie als bijzonder hoogleraar aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Dat betekent ook dat de vorm van verantwoorden moet passen bij de organisatievorm en moet focussen op het bereiken van doelen. Dit sloot goed aan bij de uitleg van Marcel Boogers (Universiteit Utrecht) over hoe het netwerk werkt: bij samenwerkingsverbanden is het vaak onduidelijk wie controleert en de neiging om informeel en ‘zo licht mogelijk’ samen te werken, vergroot deze onduidelijkheid alleen maar.

  • Presentaties

    We vragen bij de sprekers een voor publicatie geschikte presentatie op. Deze zal hier worden toegevoegd.

  • Voordracht Karen van Oudenhoven

    Download

  • Workshop Onderbesteding bij decentrale overheden, VvR Doe mee onderzoek 2025 (Johan de Kruijf en Nils Nijdam)

    Download

  • Samen werken met raad, AB of PS (Vincent van Stipdonk)

    Download

Workshops

Verdeeld over de ochtend- en middagsessie waren er in totaal acht verschillende workshops, bijna allemaal rond het thema samenwerken.

  • Samen werken met raad, AB of PS door Vincent van Stipdonk

    In deze workshop nam Vincent van Stipdonk ons mee in ervaringen met contact met de volksvertegenwoordiging. Veel contact heeft voor- en nadelen. En het ene moment is beter voor contact dan het andere. Er zijn zeker momenten te vinden voor goede gesprekken met de raad(sfracties), zoals bij het aanbieden van onderzoek.

  • Het spel, de knikkers en het onderzoek. Financiële verhoudingen tussen Rijk & gemeenten door Bart Leurs en Nils Nijdam

    In deze workshop gingen Nils Nijdam (AR) en Bart Leurs (VNG) in op de wijze waarop de gemeenten aan hun geld komen. Gemeenten zijn voor 70% afhankelijk van de bijlagen van het Rijk. De praktijk daarvan is een aangrijpingspunt voor onderzoek. Het gemeentefonds is vrij besteedbaar, de Specifieke Uitkeringen (SPUKS) zijn geoormerkt. In de huidige situatie ligt de controlerende taak gedeeltelijk bij de gemeenteraad, gedeeltelijk bij de Tweede Kamer. Deze complexiteit van verantwoording levert veel vragen en discussie op. Het is erg lastig om zicht te krijgen op wat werkt en wat niet, bv in het sociaal domein. Bij gemeenschappelijke regelingen en regionale samenwerking vragen om harmonisering en verantwoording. Tegelijkertijd is er per beleidsterrein behoefte aan eigen kaders.

  • Impactgericht evalueren: van controle naar inzicht door Pauline Owelle en Karen Maas

    Pauline en Karen gingen in hun workshop in op de manier waarop je als rekenkamer je onderzoek zo kunt inrichten dat impact het vertrekpunt vormt. Rekenkamers neigen ernaar om beleid te evalueren vanuit de realisatie van beleidsdoelen. Het Impact Centre Erasmus maakte inzichtelijk dat vertrekken vanuit de impact van beleid zorgt voor een verschuiving van controle naar inzicht en leren. De deelnemers voerden interessante discussies en mochten samen aan de slag met een impactgerichte onderzoeksopzet.

  • Workshop begrijpelijke taal door BureauTaal

    In de workshop begrijpelijke taal gaf Mariëlle Moret een inzichtje in de manier waarop taal voor de ene lezer duidelijk kan zijn, maar de andere lezer compleet kan voorbijgaan. Met enkele prikkelende voorbeelden en korte oefeningen gaf Mariëlle ons mee dat het gemiddelde taalniveau in Nederland lager is dan het gemiddelde taalniveau van zakelijke teksten. Voor rekenkamers ligt er een uitdaging om rapporten ook voor een breder publiek leesbaar te maken. De volledige training Begrijpelijk leren schrijven start binnenkort en inschrijven kan via de website!

  • Rondetafelgesprek: rekenkameronderzoek naar gemeentelijk beleid rond arbeidsmigranten door Klaartje Peters en Margriet van Tulder

    De rekenkamer Venlo is gestart met een onderzoek naar gemeentelijk beleid voor de opvang van arbeidsmigranten. het is een thema wat bij meer gemeenten speelt en waar nog weinig onderzoek naar is gedaan. Meestal gaat het alleen om huisvesting. Het rondetafelgesprek gaat over de mogelijkheden om dit te onderzoeken met meerdere rekenkamers en de vragen die je erbij kunt stellen. Het blijkt een complex thema te zijn met een veelheid van invalshoeken. Een achttal rekenkamers gaan in het voorjaar verder praten over de mogelijkheden van een vorm van gezamenlijk onderzoek.

  • Onderbesteding bij decentrale overheden, VvR Doe mee onderzoek 2025 door Johan de Kruijf en Nils Nijdam

    Het jaarlijkse DoeMee-onderzoek van de Vereniging van Rekenkamers gaat dit jaar over onderbesteding. Het onderzoek is agenderend: het belangrijkste doel is onderbesteding als bespreekthema op de kaart zetten.
    Onderbesteding in welke vorm dan ook is van veel factoren afhankelijk. Door naar gemiddelde afwijkingen te kijken, hoeven we minder aandacht te besteden aan de onvoorspelbare factoren die nu eenmaal ook een rol spelen. Uiteindelijk is het straks aan de volksvertegenwoordigers om kritisch te zijn op de grotere gemiddelde afwijkingen bij een nieuw voor te leggen begroting.

    Als opvallendste eerste bevinding is het interessante algemene beeld dat extra baten een belangrijker bijdrage blijken te leveren aan onderbesteding dan lager dan verwachte lasten. Dat geldt voor alle drie groepen decentrale overheden.

    Door de vele vragen uit de zaal, is Johan niet aan zijn volledige verhaal toegekomen, maar de hele presentatie is te raadplegen via de negende editie van de DoeMee nieuwsbrief.

  • Regionale samenwerking als onderzoeksobject – business as usual? door Tim Knaapen

    In deze interactieve workshop presenteerde Tim Knaapen de resultaten van zijn masterthesis ‘de rekenkamer en de regio’: een verkennend onderzoek naar de praktische betekenis van meervoudig bestuur voor de decentrale rekenkamer.

    Regionale samenwerking is als arrangement gemeengoed geworden in de bestuurlijke praktijk van Nederland. Soms verplicht, vaak vrijwillig, en veelal vanuit de gedachte van een effectieve(re)/efficiënte(re) beleidsvoering op de bovenlokale schaal. Zo is er een netwerk ontstaan van constant wisselende samenwerkingsverbanden die er in elke regio weer net iets anders uitziet. Heeft de veelkleurigheid van de regio consequenties (of zou dat moeten hebben) voor het onderzoek van de decentrale rekenkamer?

  • Slim samenwerken in de regio door Frank van der Knaap en Etienne Lemmens

    Over steeds meer beleid en middelen wordt op regionaal niveau besloten. Toch doen rekenkamers daar weinig onderzoek naar. Samenwerken tussen rekenkamers is daarom zinvol, aldus Etienne Lemmens en Frank van der Knaap. Er zijn vele vormen van samenwerking denkbaar, elk met hun eigen voor- en nadelen.

Uitreiking Goudvink

En dan het programmaonderdeel waar een deel van de aanwezigen met spanning op zaten te wachten: de uitreiking van de Goudvink, de prijs voor het beste rekenkameronderzoek van het jaar, door juryvoorzitter Laurens de Graaf.

Dit keer waren er maar liefst drie winnaars: de klassieke Goudvink ging naar de Randstedelijke Rekenkamer voor hun onderzoek “Een vol stroomnet: de rol van de provincie bij de aanpak van netcongestie”. Daarnaast ging de speciale Goudvink voor onderzoek met een budget onder twintigduizend euro naar de Rekenkamer Waterland voor rapport “Kiezen én delen – Preventie voor jeugd en gezin in de gemeente Waterland: Het verschil maken in een situatie van structurele schaarste”. Ook Rekenkamer Zeist viel in de prijzen met hun rapport “Onderzoek Rekenkamer Zeist naar integratie en arbeidsparticipatie van nieuwkomers in de gemeente Zeist”, waarmee ze de speciale Goudvink voor Innovatieve Aanpak wonnen.

Lees meer over de Goudvink 2025.

Lees verder

Training: ‘Meer bereik voor je rapport: schrijven voor burgers en media’?

Burgers willen graag weten wat er in hun stad of dorp gebeurt en wat de gemeente doet om hun woonomgeving zo aantrekkelijk mogelijk te maken. De onderzoeken van de rekenkamer maken inzichtelijk wat er goed en niet goed gaat en wat er moet gebeuren om het in de toekomst beter te doen. Maar die rapporten zijn vaak lastig leesbaar voor geïnteresseerde burgers.

Journalist Karel Ornstein werkte jarenlang voor Nieuwsuur, RTL Nieuws en Radio 1. In deze cursus legt hij je uit hoe je een goed leesbare en informatieve samenvatting schrijft. Hij leert je uit hoe je de belangrijkste boodschap formuleert, welke argumenten je het beste kan gebruiken en welke praktijkvoorbeelden die boodschap goed illustreren.

Journalisten zijn altijd op zoek naar bijzondere verhalen. Vaak zijn de rapporten van de rekenkamer interessant voor de pers en via de media bereik je geïnteresseerde burgers. In deze cursus leert Karel Ornstein je ook hoe je een pakkend persbericht schrijft en hoe je een redactie kan overtuigen om het verhaal te publiceren.

Deze cursus duurt een dagdeel. Inclusief aansluitende lunch.